Vergeven, zo doe je dat

Caroline Groeneveld | 31 maart 2017
Caroline

Vorig jaar maakte ik een stomme fout. Ik parkeerde mijn auto vlak tegen die van een buurvrouw aan. En met vlak ertegen, bedoel ik 5 centimeter ruimte. Het ging onbedoeld. Mijn plekje tussen haar en een andere auto  was krap en ik ben slecht in fileparkeren.  Ik had sowieso al een hekel aan die buurvrouw omdat ze me een paar keer flink afgewezen had. Met het strakke parkeren wilde ik haar een lesje leren. Maar echt op haar afstappen durfde ik niet. Dus ik liet de auto staan.

Nou, dat heb ik geweten. Binnen een half uur stond ze boos op de stoep. Met allerlei verwijten. Over vandaag, maar ook over gisteren en vorig jaar en kerst drie jaar geleden. Ik moest mijn rijbewijs maar inleveren vond ze. Ik stond met mijn mond vol tanden. Wat een haat. Wat een gal werd er over me heen gespuwd.

En toch voelde ik me ook ongemakkelijk. Omdat ik het lef niet had. Om de situatie voor te zijn. Te tackelen. De knoop in mijn maag bleef dagen zitten. Hij ging gewoon niet weg. Ik sliep er niet van. Iedere keer als ik haar auto aan zag komen, dook ik weg. Deed de gordijnen dicht. Belachelijk vond ik het van mezelf. Maar ik durfde niet. Ik werd een gevangene van mijn eigen angst. En die angst? Die werd steeds groter.

Schrijf een brief

Maar ik durfde ook niet echt naar haar toe te gaan. Bang voor weer een harde aanval. Bang dat het me toch niet zou lukken om rustig te blijven. Daarom schreef ik een brief. Niet een brief om gelijk te krijgen. Maar een brief waarin ik haar vertelde dat ik haar bedankte voor iets wat ze goed had gedaan. En dat ik haar een fijn jaar wenste. Het heeft ook nu weer een paar dagen geduurd voordat de brief af was. Ik ben echt op zoek gegaan naar iets wat ik fijn vond aan haar als mens, als buurvrouw. Het is me gelukt. Op een dag zag ik hoe zij mij meer ruimte gaf bij het parkeren. Dat was mijn kans. Ik schreef over hoe fijn het was dat ze me ruimte gaf. Hoe ik zelf moeite heb met ruimte innemen. Letterlijk, door mijn luie oog, maar ook figuurlijk, gewoon in het leven.  De dag erna stopte ik mijn brief in haar bus. Op een moment dat ze niet thuis was. Maar, ik deed het!

Een aantal dagen gebeurde er niets. Toen stond ze aan de deur. Iets milder. De lucht was geklaard. Vrienden zullen we nooit worden. Maar we voelen ons allebei weer vrij. Opgelucht.

Een ander vergeven is belangrijk in je leven. Niet om het goed te maken. Maar omdat het je helpt om zelf vrijer te zijn.

Wat is jouw inzicht bij dit verhaal? Vertel het onderaan deze blog. Zo kan ik steeds betere stukken schrijven waar jij nog meer aan hebt.

Fijne dag,

Caroline

Facebook reacties